Gastbloggen: de enige overgebleven vorm van linkbuilding?

Op welke manier voer jij je linkbuilding uit? Probeer je nog steeds Google te foppen of ben je gefocust op het leveren van waarde? Het lijkt erop dat alleen deze laatste strategie nog werkt.

Het bewijs daarvan is mijn nummer 1-positie voor de zoekopdracht seo tekstschrijver: ik sta boven seotekstschrijver.nl, boven seotekstschrijver.com en boven René Greve, toch geen misselijke naam in de wereld van SEO. Dankzij mijn blogs voor NUzakelijk en interviews met mij op diverse sites, heb ik relevante en waardevolle externe links naar mijn site gekregen.

Links die niet meer werken

Sinds de Google Penguin-update van eerder dit jaar worden sites bestraft die verdachte binnenkomende links hebben. Hiertoe rekent Google sites en pagina’s waar steeds met dezelfde tekst heen wordt gelinkt.

Zo is mijn site jojobaolie.com van de nummer 1-positie terug geslingerd naar de helft van de tweede Google-SERP. De vermoedelijke oorzaak? Links uit article directories met veel te goed geoptimaliseerde anchor text: jojoba olie, jojoba olie haar, jojoba olie kopen, jojoba olie gezicht, enzovoort. (Maak je geen zorgen, deze links zijn slechts per illustratie en ook nog eens nofollow, ik heb enige hoop om geld met die site te verdienen al opgegeven — domein kopen?)

Met de artikelwebsites ben ik al langer klaar. Steeds meer wordt duidelijk dat Google zich niet langer bij de neus laat nemen. Het motto van de zoekgigant is immers “to make internet a better place” en daar horen goede links (relevant en van betrouwbare sites) bij.

Groeiende vraag naar gastblogs

Mijn klanten beginnen dat steeds vaker door te krijgen. De MKB’ers nog niet direct, maar de internetmarketingbureaus al wel. Zo verzorg ik voor de online initiatieven van Netnotion (zoals verandervanverzekering.nl) al maandenlang artikelen: ik ga zelf op zoek naar sites die –in ruil voor een link in de tekst– bereid een mijn gast- of ghostblog te publiceren. Vervolgens schrijf ik dat artikel.

Ook grotere bedrijven die over marketingafdelingen met slimme jongens beschikken, beseffen dat de spelregels van Google veranderd zijn. Voor de Belfabriek ben ik nu bijvoorbeeld bezig de kwaliteit van de teksten en de interne linkstructuur radicaal te verbeteren, waarmee we de slapende concurrentie het nakijken geven.

Kortom, er is nog genoeg werk voor de webtekstschrijvers van tegenwoordig. Het is alleen wel onze verantwoordelijkheid om op de hoogte te zijn van de laatste ontwikkelingen. Verkoop geen pure SEO-teksten meer, maar artikelen en blogs van hoge kwaliteit met anchor texts die niet té voor de hand liggend zijn.

Bloggen doe je op eigen risico

Dat iedere ondernemer zou moeten bloggen, weten we nu wel. Het is goed voor je rankings in zoekmachines, je profileert je als expert in je vakgebied en je krijgt er interessante zakelijke voorstellen door. Na mijn vorige blog bijvoorbeeld, stroomden de positieve reacties én nieuwe opdrachten binnen.

Allemaal leuk en aardig, maar niemand heeft het over het kaf dat met dit koren meekomt. En dan heb ik het niet zozeer over reacties onder artikelen, die nog wel te overzien zijn. Nee, als blogger ontvang je ook heel veel mails waarvan je denkt: wat moet ik hier nou mee?

Tuurlijk, ik hoor het graag als iemand met plezier mijn woorden leest. Ik ben oprecht geïnteresseerd in mijn lezers en breid graag mijn netwerk uit, maar er zitten ook authentieke tijdsverspillers en ongelooflijk slaapverwekkende voorstellen tussen. Schijnbaar spontane lezers die alleen maar om aandacht lijken te vragen.

Onmogelijke verzoeken

Zo schreef ik in december 2009, dus ruim tweeënhalf jaar geleden, een blogpost over wonen en werken op Gran Canaria. Een goedbedoeld artikel met praktische informatie voor wie de knoop al heeft doorgehakt.

Ik heb er bijna spijt van, want tot op de dag van vandaag verschijnen er reacties onder met de vraag of ik niet even een baantje voor iemand kan regelen. Als ik niet snel genoeg reageer, komt daar een mail achteraan.

Woensdag kreeg ik nog een verkapte sollicitatiemail van een “57 jaren jong” stel dat, zich onbewust van de 30 procent werkloosheid op de Canarische Eilanden, hier werk hoopt te vinden. “Hoe kunt u ons verder helpen?” was de brutale vraag. Nou: niet.

Oninteressante voorstellen

Als blogger zul je ook veel mails met goede ideeën ontvangen. Sommige hiervan leiden tot vruchtbare samenwerkingen, maar het leeuwendeel sluit niet aan bij jouw vaardigheden, budget of carrièreplan. Een goede oefening om ‘nee’ te leren zeggen.

Op 27 juni nog een ellenlange e-mail van iemand die een idee voor me had. Tenminste, daar begon hij zijn verhaal mee. Maar wat volgde was een ellenlang betoog over netwerkmarketing en de kans op een prachtig inkomen met een uniek concept. Alleen jammer dat meneer het product nooit noemde. Weer een half uur van mijn tijd kwijt.

Bijwerkingen van bloggen

Begrijp me niet verkeerd: ik wil je zeker niet ontmoedigen. Bloggen is een prachtige manier om jouw doelgroep jou te laten vinden. Maar laten we realistisch zijn: voor elk mooi voorstel en iedere nieuwe opdracht ontvang je minstens drie berichten waar je helemaal niets mee kunt. Zie het als de bijwerkingen van een doorgaans prima marketingmedicijn.

Deze column verscheen eerder op NUzakelijk.

Expert in jip-en-janneketaal

Volgens de auteurs van dit boek moeten ambtenaren op B1-niveau gaan schrijven.

Het zal een erfenis uit mijn studententijd zijn, maar ik ben hevig allergisch voor hoogdravende teksten. Ze herinneren mij aan een taalspelletje dat ik halverwege de middelbare school met klasgenoot Bertolf deed.

Niet dat Bertolf niet kan schrijven of dat het spelletje stom was. Nee, we produceerden wervelende volzinnen, stijf van de tangconstructies maar onleesbaar voor derden. We begonnen het schrijven als kunstvorm te ontdekken en verkenden de grenzen van de Nederlandse taal.

Iedere schrijver krijgt met deze jeugdige bravoure te maken. Dionysius van Halicarnassus, geciteerd door François Fénelon, verwoordde dit perfect:

Ik kan die al te kunstige ronding der volzinnen, die jeugdige bloemen en sieraden van den stijl geenszins goedkeuren. De gedachten worden vaak bij hen ondergeschikt aan de welluidendheid der uitdrukking, en de waarheid aan sieraad opgeofferd.

Taal als statussymbool

Ik vind het prima als jeugdige schrijvers zich hieraan bezondigen. Het wordt alleen wel jammer wanneer ‘grote mensen’ als politici en wetenschappers hun woordenschat op deze manier misbruiken. Taal mag geen statussymbool zijn, maar behoort onze gedachten en gevoelens op een heldere manier over te brengen.

Het beeldscherm vraagt om eenvoud

Dankzij computers, e-readers en tablets lezen we steeds vaker van een beeldscherm. Dat leest minder prettig dan van papier. Hierbij zijn duidelijke zinnen, niet te lang en to-the-point, een voorwaarde. Natuurlijk leent niet alle materie zich voor de zogeheten jip-en-janneketaal, maar valt er nog heel wat vooruitgang te boeken.

Jip en Janneke boeien

Ik heb Annie M.G. Schmidt nooit gekend, laat staan dat ik familie van haar ben. Toch voel ik me in taalkundig opzicht nauw met haar verwant. Er wordt weleens laatdunkend gedaan over jip-en-janneketaal, maar Annie en ik trekken ons daar niks van aan. Wij weten tenminste hoe we de lezer kunnen boeien.

Stroomlijn je teksten

Zie jij de waarde in van heldere taal? Dan kunnen we door één deur. Neem vandaag nog contact met me op om de mogelijkheden voor samenwerking te bespreken.

Hoe kleine blogs grote bedrijven aftroeven met hun meta descriptions

Vandaag kreeg ik een mailtje binnen van Linux-engineer Ruben, die ‘per ongeluk’ prima rankings voorelkaar heeft gebokst met artikelen op zijn persoonlijke website. Wat mij betreft slaat hij de spijker op de kop.

Je meta description is het belangrijkste punt van je pagina. Google laat een snippet in de zoekresultaten zien, bijvoorbeeld de eerste 150 karakters van je artikel, of kiest voor de door jou ingevulde meta description. Dat is het stukje waarin je jezelf kun onderscheiden van een SEO-spammer:

Om de spits af te bijten een lange en gedetaileerde test van de Garmin Dakota 20. In de voorbereiding van m’n fiets-vakantie in Engeland overwoog ik een GPS…

Versus:

Lees de reviews over de Garmin Dakota 20 op Kieskeurig. Ervaringen van anderen helpen je bij het maken van de beste keuze.

Waar gaat je klik naar toe? Iets wat klinkt als marketinggezwets of iets wat persoonlijke ervaringen lijkt te beloven? Geen idee wat Kieskeurig aan hits krijgt, maar ik beloof je dat ze veel meer teleurgestelde bezoekers hebben dan ik. Schrijf een bevlogen stukje over je stofzuiger, wacht tot de Google crawler langsgekomen is, en kijk of je jezelf in aantrekkingskracht kunt meten met de SEO-spammers.

Mensen willen weten wat jij, een ander mens, denkt. Niet wat de marketingmachine aan metatekst voorschrijft. Ik zou zeggen dat er twee dingen in die openingszin moeten zitten: een persoonlijk voornaamwoord (eerste persoon – ik of mijn) en iets van twijfel. Je bezoeker twijfelt ook en verwacht dat je hem of haar helpt met een beslissing. Als die twee elementen uit je eerste 150 karakters duidelijk worden heb je beet.

Vanaf dat moment heb je hun aandacht te pakken, en leg je zaken uit als ‘wat doet het’, ‘hoe werkt het’, ‘wat is er goed aan’, ‘wat is er slecht aan’ en ‘waarom moet je het toch kopen’.

Ruben besluit zijn mail met de vraag of hij een open deur intrapt, maar wat mij betreft valt dat wel mee. Nog té vaak wordt er gefocust op het één of twee keer laten vallen van de zoekterm of het stellen van een vraag. Het persoonlijke element, daar hoor je echter veel te weinig over.

SEO-collega’s en webmasters: wat vinden jullie? Welke van jullie meta descriptions doen het verrassend goed? Wat is jullie ‘geheime’ formule voor een magnetische paginabeschrijving? Plaats hieronder jullie bevindingen.