Persbericht voor mijn meest exotische klant

In 2002 liep ik stage bij het Solomon Islands Visitors Bureau in Honiara, hoofdstad van –inderdaad– de Salomonseilanden. Toen dit land vorige week in het nieuws kwam, zag ik een gouden kans om het te promoten met een ludiek persbericht. De general manager stemde in en voilà: mijn onderstaande persbericht circuleert nu op internet.

After a protocol error at the UN conference Rio+20 that introduced Mariano Rajoy as ‘the first minister of the Solomon Islands’, the South Pacific nation has responded with appropriate measures, offering him an official residence.

The mistake during the summit meeting was translated, subtitled and broadcast on television screens all over Rio de Janeiro. Immeditaly after his speech Mariano Rajoy, the Spanish head of government, was stripped of his new title when the plenary speaker apologised for his slip of the tongue.

‘Even if he has been one for only a few minutes, we think every prime minister is worthy of a place to call home,’ says Michael Tokuru, general manager of the Solomon Islands Visitors Bureau. ‘We are now preparing an official residence for Mr. Rajoy.’

The ‘leaf house’ on tiny Aibisa Island will be built in traditional style, built from timber and palm leaves. It boasts views over World Heritage-nominated Marovo Lagoon. ‘Here, Rajoy can pull his dinners right from the water,’ says Tokuru. Marovo Lagoon is also home to master woodcarvers, eager to teach newcomers their tricks.

Solomon Islands is a Commonwealth state that gained its independence in 1978. The first Westerner to lay eyes on the archipelago was Spanish navigator Álvara de Mendaña de Neira in 1567. Some of the nearly 1,000 islands still bear Spanish names, such as Santa Isabel, Guadalcanal, San Cristobal and Buena Vista.

Nagekeken door mijn kameraad en native speaker Dustin Brumley, is het een leuk bericht geworden met een hoog viraal gehalte.

Wil je ook een persbericht laten schrijven? Ik verzorg met plezier Nederlandse, Engelse en zelfs Spaanse perberichten en de verspreiding ervan. Neem contact op voor meer informatie.

Wat Google Penguin voor jouw website betekent

Op 24 april voerde Google een nieuwe wijziging in haar logaritme door. Als gevolg van de zogeheten Penguin update raken veel websites hun topposities kwijt. Wat kun je hier zelf aan doen?

Gisteren kreeg ik een mailtje van een ongeruste klant. Ik noem hem niet bij naam, maar kopieer wel even de inhoud van zijn bericht:

André, het gaat echt helemaal de verkeerde kant op met de zoekwoordenpagina’s van klanten. Er moet snel iets gebeuren. Kunnen we vandaag even telefonisch contact hebben?

Hij is niet de enige. Ook ik merk hoe één van mijn niche-sites daalt in de rankings. En dat betekent minder bezoekers en logischerwijze minder verkopen. Maar hoe komt dat eigenlijk?

Waar Google niet langer van houdt
De eerdere updates van Google straften vooral slechte content. Artikelen met een te hoge zoektermdichtheid, bijvoorbeeld. Maar met de pinguïn heeft Google het niet op de copywriters gemunt, maar op de linkbuilders. Teveel binnenkomende links met voor jouw site relevante zoektermen doen bij Google de alarmbellen rinkelen. Voorbeelden hiervan zijn:

  • Links vanuit forumprofielen
  • Commentaar onder blogposts
  • Links vanaf de slechtere artikelenwebsites
  • Gekochte links in blognetwerken

In het voorbeeld van de ongeruste klant heeft de site in kwestie veel binnenkomende links van twijfelachtige sites. Ook intern sluiten de links en de anchor-tektsen perfect aan bij de landingspagina’s. Tenminste, perfect in het tijdperk vóór Penguin.

Je hebt natuurlijke links nodig
De Google Penguin-update mag dan niet direct tegen tekstschrijvers zoals ik zijn gericht, maar heeft indirect een grote invloed op ons werk. Wie goede rankings wil, heeft natuurlijke links nodig. Links die vanzelf ontstaan, omdat iemand je artikelen interessant, grappig of schokkend vindt. Google zal daarbij ook steeds meer gaan kijken naar de social media: hoe vaak wordt een artikel getwitterd of op Facebook gedeeld?

Heb je agressief aan linkbuilding gedaan en kun je deze links niet ongedaan maken? Geen ramp. Je kunt in elk geval je interne links aanpakken en je best doen om binnenkomende links natuurlijk te laten ontstaan.

Wat je kunt doen om je eerdere rankings terug te krijgen
Keyword density doet er nauwelijks meer toe. Wél moet de zoekterm in de paginatitel en de meta description staan. En de content moet van topkwaliteit zijn. Enkele praktische tips om je site uit Antarctica te doen ontsnappen:

  • Zet social media-knoppen bij je artikelen
  • Gebruik eens wat vaker linkteksten als ‘lees verder’ of ‘meer info’
  • Plaats relevante video’s om de time on page te verlengen
  • Schrijf artikelen die jouw bezoekers het delen waard vinden

Meer dan ooit telt de kwaliteit van de teksten op je website. Door regelmatig artikelen te publiceren die je bezoekers met anderen delen, geef je Google het signaal dat jouw website er toe doet. De beloning daarvoor is een goede ranking.

Heb je even geen tijd of ontbreekt het je aan de inspiratie om een bedrijfsblog bij te houden? Geef even een gil en ik ga voor je aan de slag.

‘Kun je er geen boek over schrijven?’

Tussen de tientallen nieuwsbrieven en spam vind ik ook weleens een interessant mailtje. Op 14 mei bijvoorbeeld, toen een uitgever mij een mailtje stuurde. Hij las mijn site over werken vanuit het buitenland met plezier.

‘Heb je zin om een wat uitgebreider boek te schrijven over het onderwerp?’ viel hij met de deur in huis. ‘Ik denk dat jij met je boodschap, kennis en ervaring een groter publiek zou moeten aanspreken.’ Of ik niet even telefonisch wilde sparren.

Ezelsoren

Een boek uitgeven. Zo’n ding van papier dat gewoon in de boekenkast past. Ezelsoren en koffievlekken. Pennenstrepen en boekenleggers. Heeft dat eigenlijk wel zin? Ik had het nooit als serieuze optie overwogen. Teveel gedoe en te weinig opbrengsten. Een e-book hoeft niet langs de eindredacteur en de drukker. En het mooie is: bijna het complete verkoopbedrag is voor de auteur.

Maar gaat het alleen om de pegels? Misschien had die uitgever, wiens naam ik in dit stadium nog even in nevelen hul, toch wel gelijk en spreek ik via de boekhandels en bibliotheken een groter publiek aan. Mensen die niet actief op internet zoeken naar manieren om vanuit het buitenland te werken, maar wie het idee erg aanspreekt.

Stoer

En stiekem vind ik een eigen boek, via de traditionele weg uitgegeven, ook heel stoer. Want zeg nou zelf: wie wil er nou geen eigen boek op zijn CV? Als ik cursussen en presentaties wil geven, is het een grote voet tussen de deur.

Kijkend naar het contract wordt één ding me duidelijk: je schrijft geen boek om er rijk van te worden. Maar dat had ik al opgemaakt uit gesprekken met andere auteurs. Je schrijft een boek om je naamsbekendheid te vergroten en je reputatie te verstevigen.

De digitale voorganger van het boek blijkt in trek, momenteel is het rustig qua werk en de klik met de uitgever is er. En hoe vaak komt het voor dat een auteur wordt benaderd door een uitgever, in plaats van dat hij met het manuscript moet leuren? Genoeg redenen om ervoor te gáán.

Werkzomer

Het lijkt me duidelijk: deze zomer, als de rest van de wereld op vakantie is, ga ik aan mijn boek werken. En als beloning verkas ik na de publicatie naar een warm, goedkoop en ver buitenland. Maar daarover meer in mijn volgende blog…

Deze column verscheen eerder op NUzakelijk, waar ik tweewekelijks voor schrijf.

Dat nostalgische werkwoord ‘computeren’

Toen ik de spreekwoordelijke drie turven hoog was, kon ik urenlang op de zolderkamer Lemmings spelen. Ik weet nog hoe ik een feestdag (misschien was het Kerst, maar waarschijnlijk Pasen) maar liefst acht uur lang achter de pc zat. Toen ik eindelijk besloot er de brui aan te geven, schaamde ik me diep. Ik had maar liefst acht uur vergooid aan computeren.

In de tachtiger en negentiger jaren was dat werkwoord nog heel gewoon. Computeren was iets dat je alleen deed of misschien met z’n tweeën. Meestal ging het om spelletjes spelen, want ze heetten toen nog niet games, maar ik kon net zo goed urenlang pielen met PrintMaster of WordPerfect.

De tijden veranderen

“Zit je nou alwéér te computeren?”
“Die zit te computeren op zolder.”
“Oh, da’s wel handig voor bij het computeren.”

Veel gebezigde uitspraken in mijn jeugd. Maar tegenwoordig computeren we eigenlijk niet meer. In plaats daarvan zijn we aan het werk, aan het gamen, aan het internetten (ook al in gevaar van uitsterving) of zitten we op Facebook of welke website dan ook.

Overbodig werkwoord

Dit heeft ongetwijfeld te maken met de ruimtelijke verplaatsing van computers. Waar deze grote, zware machines eerst alleen in het achterkamertje pasten, hebben de laptops en vervolgens de smartphones en tablets de computers alomtegenwoordig gemaakt. Niemand kan ze meer negeren en vrijwel niemand kan er meer zonder. Een computer is zo gewoon te worden, dat er geen werkwoord meer nodig is voor het gebruik ervan.

Technologie verandert onze taal in rap tempo. Heb jij andere voorbeelden van nieuwe of juist weer verdwenen werkwoorden? Deel ze hieronder.